EEN NIEUWE KERK IN ELDEN (1)

door LUCAS VAN ELDEN

Het zal zo’n twee jaar geleden zijn geweest dat we voor de laatste keer iets over de Eldense kerkgeschiedenis aan het papier hebben toevertrouwd. In die twee jaar hebben we niet stilgezeten. We blijven de kerkgeschiedenis volgen. We hebben het al eens eerder gezegd, het is en blijft een boeiend onderwerp.
Zo werden we begin dit jaar geconfronteerd met het sluiten van diverse kerken in Arnhem. Zelfs de landelijke media pakte het onderwerp van de vele kerksluitingen op. Er werd zelfs vermeld, dat er op dat moment in Nederland één kerkgebouw per drie dagen de deuren definitief sluit.
We realiseerden ons weer eens dat de tijden veranderen. Een eeuw geleden was het tegenovergestelde een feit, toen werden er met grote regelmaat deuren van nieuwe kerkgebouwen geopend, zo ook in Elden.

WAT ER AAN VOORAF GING
In de tweede helft van de 19de eeuw nam het aantal inwoners van Elden snel toe. In de Kringbulletins 104 en 105 vonden we wat cijfers, en dan in het bijzonder het aantal leerlingen op de Openbare Lagere School. Zo werd er in 1840 melding gemaakt van 22 leerlingen, tweeënveertig jaar later werden er 105 leerlingen in de boeken geregistreerd. Door deze enorme groei was een nieuw schoolgebouw noodzakelijk geworden, op 1 mei 1882 werd die dan ook in gebruik genomen (op de locatie van het huidige dorpshuis). Ook de doopboeken van de Heilige Lucasparochie bevestigden ons de groei van de Eldense bevolking. In 1882 werden er 25 dopen ingeschreven tegen 16 doopinschrijvingen in 1840. De groei was dus ook in de Heilige Lucasparochie merkbaar. De kerk aan Huissensedijk (het huidige Gelredomezicht) werd te klein voor de groeiende parochiegemeenschap. Er moest wat gebeuren.
De - op 23 maart 1891 in Elden begonnen - pastoor Andries Jansen was niet onbekend met de nieuwbouw van kerken. In zijn periode als missionaris in Mongolië had hij diverse kerkgebouwen verwezenlijkt. Deze ervaring was een zegen voor de Heilige Lucasparochie. Onder zijn leiding werd in oktober 1895 de eerste stap gezet naar een nieuwe kerk, de boerderij Tappenbrug aan de Rijksweg werd door het kerkbestuur aangekocht. Nog geen maand later werd door het kerkbestuur een “penningvereeniging” opgericht om zo de financiële middelen te kunnen generen voor de nieuwbouw van de kerk. De geldelijke middelen groeiden gestaag. Op 4 oktober 1900 werd de Eldense parochie door de aartsbisschop van Utrecht gemachtigd om een kerk met pastorie te bouwen. De handen konden uit de mouwen!
De architect Wolter te Riele uit Deventer begon met het tekenen van de bouwplannen voor de nieuwbouw in Elden. Op 11 maart 1901 was Wolter te Riele klaar met het bestek en de tekeningen, vanaf die dag lagen ze ook ter inzage in het Koffiehuis van Freriks aan de Rijksweg.


 Het is 1901, de advertentie voor de aanbesteding van een bijzonder bouwproject in Elden kon worden geplaatst.
(Bron: Koninklijke Bibliotheek Den Haag (www.kb.nl), krantendatabank, De Tijd godsdienstig-staatkundig dagblad 09-03-1901)

De bouw van de kerk, toren, sacristie en pastorie werd gegund aan aannemer Hardeman uit Leiden. Ruim een maand later, op 7 juni 1901 werd de troffel ter hand genomen om de eerste steen van de nieuwe Heilige Lucaskerk te plaatsen.

DE BOUWPASTOOR
Pastoor Andries Jansen kreeg bij zijn geboorte de namen Andreas Joannes. Hij werd geboren op 23 november 1842 te Steenwijk, zijn ouders waren Joannes Martinus Gerardus Jansen en Louise Josephine Caroline Waanders. Op 24-jarige leeftijd werd hij tot priester gewijd. Kort daarna werd hij kapelaan in Zieuwent, om zich vervolgens in 1868 aan te sluiten bij de missionarissen van Scheut in België. Na een opleidingsperiode vertrok hij in 1871 naar Mongolië om daar zijn herderlijke taken uit te voeren.


Pastoor Andreas Joannes Jansen (1842-1913), de bouwpastoor van de vooroorlogse Heilige Lucaskerk te Elden.

(Bron: Katholiek Documentatie Centrum Nijmegen
, collectie afbeeldingen klein formaat, afbeelding KDC2a13154).

Verzwakt keerde Andries Jansen in 1886 terug naar zijn congregatie in België. Het missiewerk had veel van zijn krachten gevergd. Zijn gezondheid bleef zwak, een nieuwe taak in Mongolië zat er niet meer in. In 1889 meldde Andries Jansen zich bij het Aartsbisdom Utrecht, waar hij in 1891 de parochie in Elden toegewezen kreeg.
Pastoor Jansen was geliefd in Elden, dat kwam vooral tot uiting tijdens zijn 40-jarig priester jubileum. Heel Elden vierde op 8 augustus 1907 feest, zelfs de protestanten deelden mee in de feestvreugde. Het feest was zo bijzonder uitbundig, met versieringen en activiteiten, dat er tientallen jaren later nog over werd gesproken. Op 30 oktober 1912 ging Andries Jansen met emeritaat. Helaas duurde dat maar kort, op 22 mei 1913 overleed hij te Zeddam.

DE ARCHITECT
Wolter te Riele heette voluit Wolterus Antonius Maria te Riele, hij zag voor het eerst het levenslicht op 8 september 1867. Zijn ouders waren Gerhardus te Riele en Berendiena Maria Weijenborg. Zijn vader was werkzaam als architect en daardoor kreeg Wolter van huis uit de liefde voor de bouwkunst mee. Hij leerde het vak van zijn vader. Om zijn kennis te verdiepen en te verbreden volgde hij nog diverse opleidingen. Van 1886 tot 1889 volgde hij een bouwkundige opleiding aan de Sint Lucasschool in Gent (België). Dit was een ambachtelijk beroepsopleiding met veel aandacht voor de christelijke kunst. Na deze opleiding ging hij één jaar in de leer bij de bekende architect P.J.H. Cuypers, die toen bezig was met het ontwerpen van het Rijksmuseum te Amsterdam. Wolter sloot zijn opleiding af met een cursus middeleeuwse kunst in Londen (Groot-Brittannië). Na zijn opleiding begon Wolter in het architectenbureau van zijn vader in Deventer.


Architect Wolterus Antonius Maria ter Riele (1867-1937), de bouwheer van de vooroorlogse Heilige Lucaskerk te Elden.

(Bron: De Gelderland Bibliotheek,
Arnhem, Bouwkundig Weekblad Architectura 1937 (27 februari 1937) nummer 9)

In de “Deventer-periode” ontwierp hij de Heilige Lucaskerk in Elden. Tot 1912 bleef hij werkzaam in Deventer. Nijmegen, dichtbij het bisdom Den Bosch werd de locatie voor zijn nieuwe architectenkantoor. Dit bleek niet zo’n succes, in 1918 werd dit kantoor alweer opgeheven. Wolter vestigde zich toen in Utrecht, waar hij een bekend kerkenbouwer werd. Tientallen kerken werden door hem ontworpen. Overigens bleef het niet alleen bij kerken, van villa’s tot woonwijken en van fabrieken tot ziekenhuizen, alles ontstond op zijn tekentafel. Wolter huwde met Maria Francisca Gertruda Jeurgens. Hij overleed 13 februari 1937 te Utrecht.

We vonden nog een leuke wetenswaardigheid, die we u niet willen onthouden. Van de Heilige Lucaskerk te Elden is over het algemeen niet veel bekend. Dit zal mede veroorzaakt zijn door de verwoesting in de Tweede Wereldoorlog. In de wereld van de bouwgeschiedenis is er enige onduidelijkheid welke kerk Wolter te Riele als eerste heeft gebouwd. Is het de Sint Georgius basiliek te Almelo of is het de Heilige Lucaskerk te Elden? Beide kerken zijn namelijk in dezelfde periode gebouwd. We hebben de belangrijkste data naast elkaar gelegd, en kunnen definitief vaststellen welke kerk Wolter te Riele als eerste heeft gebouwd: de Sint Georgius basiliek te Almelo. De eerste steen van die kerk werd gelegd op 30 april 1901, en de consecratie vond plaats op 2 juli 1902. De data van de Heilige Lucaskerk zijn, respectievelijk 7 juni 1901 en 15 oktober 1902.

DE AANNEMER
Aanvankelijk hadden we van de aannemer maar twee gegevens. Zijn achternaam en plaats van herkomst; Hardeman uit Leiden. Internet bleek nu weer eens een handig medium. Via de website van het Regionaal Archief in Leiden kwamen we een aannemer A.P.K. Hardeman op het spoor. Adrianus Petrus Karel Hardeman waren zijn namen voluit, zijn ouders waren Arij Hardeman en Elisabeth Stuifzand. Hij werd geboren op 18 april 1862 in Ouderijn. Hij trouwde op 21 november 1883 met Elisabeth Anna Maria van der Voorden. Adrianus Hardeman werd regelmatig vermeld in de kranten. Vooral in de jaren negentig van de 19de eeuw. De meeste vermeldingen waren inschrijvingen, vooral in de plaatsen Den Haag, Leiden en Rotterdam. Voordat Adrianus werkzaam was als aannemer, verdiende hij in Leiden de kost als timmerman. Hij zal het vak van zijn vader geleerd hebben, die was ook timmerman van beroep. In het begin van de 20ste eeuw vonden we geen vermeldingen meer in de kranten in en rond Leiden. Mogelijk dat Adrianus naar het oosten van het land verhuisde, want in 1939 is hij woonachtig in Epe. Op 21 december 1939 is hij in Apeldoorn overleden.


De Heilige Lucaskerk was een beeldbepalend gebouw aan de Rijksweg Arnhem – Nijmegen.
Wanneer je vanuit Elst naar Arnhem reed, kon je kort na het passeren van de spoorwegovergang de kerktoren in Elden al zien staan.
(Bron: collectie Lucas van Elden)

De bouw van de nieuwe kerk verliep voorspoedig. Een jaar na het leggen van de eerste steen werd de kerk ingezegend. De deken van Arnhem en tevens pastoor van de Sint Eusebiusparochie; Henricus Franciscus Schoemaker (1840-1920) verrichtte op 16 juni 1902 de handeling. De officiële ingebruikname - de consecratie - zou pas in het najaar plaatsvinden, en liet nog even op zich wachten.

NAWOORD
We hadden het voornemen om één artikel te schrijven over de nieuwe kerk in Elden. We verkeken ons op de hoeveelheid bijzondere en nieuwe wetenswaardigheden. We waren genoodzaakt het artikel op te splitsen De volgende keer gaan we verder, en beginnen we met de consecratie.

BRONNEN
Instanties:
Bibliotheek Arnhem, Arnhem:
- de Gelderland Bibliotheek
Katholiek Documentatie Centrum, Nijmegen
Rooms-katholieke parochie Sint Eusebius, Arnhem:
- Archief Heilige Lucasparochie Elden, eerste en tweede doopboek.
Internet:
kranten.kb.nl
www.archiefleiden.nl
www.archimon.nl
www.genlias.nl
www.lucasvanelden.nl
www.st-jorisparochie.nl
www.wieiswieinoverijssel.nl
Literatuur:
Maassen, L.R. “Meester Moen (1) in Kringbulletin, nummer 104 jaargang 29, p.11-15. Elden. Augustus 2010.
Maassen, L.R. “Meester Moen (2, slot) in Kringbulletin, nummer 105 jaargang 29, p.10-14. Elden. December 2010.


© 2012-2014 Lucas van Elden, Arnhem.