LAMBERTUS PETERS OP HERHALING

door LUCAS VAN ELDEN

In 2007 schreven we - ter gelegenheid van het 25-jarig jubileum van de Historische Kring - voor het Kringbulletin een vijftal artikelen over de Eldense kerkgeschiedenis. In één van die artikelen stelden we de enige Eldense zoeaaf aan u voor: Lambertus Peters. In dat artikel maakte we melding van onze speurtocht naar de Eldense zoeaaf, en zoals bekend vonden we die, maar we vonden niet alle informatie over hem. We zouden kunnen zeggen, dat we Lambertus Peters uit het oog verloren in Rotterdam in het jaar dat hij 80 jaar oud werd: 1930.  

EEN TERUGBLIK

In het midden van de 19de eeuw begon Koning Victor Emanuel II van Sardinië met zijn strijd voor een verenigd Italië. Eén van zijn tegenstanders was de paus, als wereldlijke leider van de Kerkelijke Staat (Rome en omgeving). Om militair tegenstand te kunnen bieden richtte Paus Pius IX op 1 januari 1861 het Korps der Pauselijke Zouaven op. Vanuit de hele wereld meldden Rooms-katholieke jonge mannen zich aan om te strijden voor de Kerkelijke Staat. “Hofleverancier” van het pauselijke leger werd - wonderlijk genoeg - het protestante Nederland, 3181 Nederlandse mannen streden voor de paus. De strijd om de Kerkelijke Staat duurde tot 20 september 1870.
Lambertus Peters (geboren en gedoopt op 10 maart 1850 te Elden) nam in 1867 het besluit om zich in te zetten voor de “Roomse zaak”. Van 15 december 1867 tot
31 december 1869 diende hij bij het Korps der Pauselijke Zouaven. Het was overigens gebruikelijk dat een zoeaaf maar twee jaar diende, dus op 31 december 1869 zat de diensttijd voor Lambertus erop. Lambertus keerde terug naar Nederland en trouwde op 25 mei 1871 te Nijmegen met Maria Hendrina Reuskens, waar hij op dat moment ook woonde. Na een aantal jaren verhuisde het echtpaar Peters – Reuskens naar Rotterdam, waar ze gingen wonen in de Plantagestraat. Tussen 1919 en 1925 ontving Lambertus op dat adres regelmatig een uitkering als oud-pauselijk zoeaaf. Het laatste levensteken van Lambertus vonden wij in de Katholieke Illustratie van 5 februari 1930. “De heer L.Peters te Rotterdam, oud-pauselijk zouaaf, wordt 10 maart 80 jaar”: was de tekst die werd vermeld bij een foto in de Katholieke Illustratie.

EEN ACHTERKLEINZOON
Op 10 juli van dit jaar vonden we in onze mailbox een e-mail van Frans Schaap. We waren verrast! Frans was pas begonnen met stamboomonderzoek, en had tijdens zijn zoektocht op internet onze website gevonden met het artikel “Een Eldense zoeaaf”. Frans kon ons wel meer vertellen over de Eldense zoeaaf, het was namelijk zijn overgrootvader! Dankzij de informatie van Frans, kwamen we Lambertus Peters weer op het spoor. Frans vertelde ook nog dat veel familiegegevens tijdens het bombardement op Rotterdam (14 mei 1940) verloren waren gegaan. De reactie van de achterkleinzoon van Lambertus Peters zorgde ervoor dat we de speurtocht naar de Eldense zoeaaf weer ter hand namen. Maar goed ook, we kwamen er namelijk achter, dat Lambertus niet zijn gehele jeugd in Elden had doorgebracht. Daar waren we aanvankelijk wel vanuit gegaan. De feiten dat hij geboren was in Elden (10 maart 1850) en zijn ouders daar toen woonachtig waren, en dat hij - toen hij op 17-jarige leeftijd in dienst trad bij de zoeaven - woonachtig was in Elst (waartoe Elden behoorde), bracht ons tot de veronderstelling dat hij zijn gehele jeugd in Elden had door gebracht.

Lambertus Peters, Eldense zoeaaf         Antonia Peters, dochter van de Eldense zoeaaf
Links de welbekende foto van Lambertus Peters uit de Katholieke Illustratie van 5 februari 1930.
Rechts een foto uit de collectie van Frans Schaap, een dochter van de Eldense zoeaaf Lambertus Peters; Antonia.

De overgrootvader en grootmoeder van Frans Schaap.

(Bronnen: Katholieke Illustratie 5 februari 1930, bibliotheek Radboud Universiteit Nijmegen en fotocollectie Frans Schaap)

LAMBERTUS JEUGDJAREN
Zoals bekend werd Lambertus Peters geboren op 10 maart 1850. Op 7-jarige leeftijd verloor Lambertus al zijn vader, Antonius Peters overleed op 9 december 1857 te Wehl op 43-jarige leeftijd. Anderhalf jaar later trad de moeder van Lambertus in het huwelijk met Johannes Hendrikus Daniel Janssen Ketelaars, dit gebeurde in Nijmegen
op 26 mei 1859. Het beroep van Johannes Hendrikus Daniel Janssen Ketelaars bij zijn huwelijk was behangersknecht. Op 15 juli 1861 kreeg het gezin uitbreiding, Lambertus kreeg er een halfbroertje bij; Hendrikus Theodorus Janssen Ketelaars werd geboren. Het gezin woonde toen in Nijmegen.
Bij zijn aanmelding bij het Korps der Pauselijke Zouaven (15 december 1867) was Lambertus dus woonachtig in Elst en was zijn beroep behanger-stoffeerder. Zijn jeugd bracht Lambertus door in Elden en Nijmegen en mogelijk zelfs Wehl, dat hij op jonge leeftijd al werkzaam was als behanger-stoffeerder werd mogelijk ingegeven door zijn stiefvader, die als behanger de kost verdiende.

HOE VERGING HET LAMBERTUS VERDER
Na het huwelijk in 1871 bleef het jonge echtpaar Peters - Reuskens nog 6 jaar in Nijmegen wonen. In die tijd kregen ze drie kinderen: Engelina Geertruida, Engelina Maria en Antonia. Engelina Geertruida overleed kort na haar geboorte, slechts 3 maanden oud. Met Engelina Maria en Antonia verhuisde het jonge gezin op 6 augustus 1877 naar Rotterdam, waar ze gingen wonen in de Vondelstraat. De jonge vader Lambertus verdiende de kost als tabaksverwerker. In Rotterdam werden nog eens zes kinderen geboren, drie meisjes en drie jongens. De jongens overleden alle drie op jonge leeftijd. Op 5 april 1890 werd de laatste telg geboren, met Maria Hendrika kwam de teller in huize Lambertus Peters op zes vrouwen en een man te staan. Met grote regelmaat verhuisde het gezin binnen de gemeente grenzen van Rotterdam. Het was hard werken voor Lambertus, hij verdiende onder andere het geld als tabaksverwerker en als fabrieksarbeider.
Antonia Peters was de eerste van de kinderen die in het huwelijk trad, zij trouwde (21 jaar oud) op 26 mei 1897 in Rotterdam met Gerardus Arnoldus Schaap. Vier van de vijf dochters traden in het huwelijk. De laatste huwde op 16 april 1913. Alleen Engelina Maria bleef ongehuwd, zij bleef thuis wonen.
Toen op 5 maart 1917 Maria Hendrina Reuskens overleed waren zij samen de grootouders van zeven kleinkinderen. Maria Hendrina overleed overigens op 71-jarige leeftijd in hun woonhuis aan de Plantagestraat 12a. Lambertus bleef alleen achter. Toch is goed mogelijk dat zijn oudste dochter Engelina Maria, de zorg voor haar vader op zich nam.

Lambertus verhuisde samen met zijn dochter nog regelmatig in Rotterdam. Het grootvaderschap bleef uitbreiden, in totaal werd Lambertus door vijftien kinderen “Opa” genoemd. Op 8 juli 1937 verhuisde Lambertus voor het laatst, en ditmaal alleen. Mogelijk werd de zorg voor Lambertus te zwaar. Engelina Maria was zelf ook niet meer de jongste, ze was een dag ervoor 64 jaar oud geworden. Op 8 juli 1937 verhuisde Lambertus van de Zoomstraat 90b naar het Sint Antoniusgesticht aan de Nieuwe Binnenweg 33.
Waar Engelina Maria naar verhuisde konden we niet achterhalen, op 26 oktober 1939 woonde ze in de Erasmusstraat op nummer 25b. Daar woonde ze bijna de rest van haar leven, 10 augustus 1965 overleed zij, 92 jaar oud.

Overlijdensprentje Lambertus Peters
Het overlijdensprentje van Lambertus Peters.
(Bron: collectie Frans Schaap)

LAMBERTUS LAATSTE LEVENSDAGEN
Het Rooms-katholieke Sint Antoniusgesticht had in Rotterdam geen goede naam. Een opname in het gesticht stond voor de Rotterdammers gelijk aan een ongeneeslijke ziekte. De verzorging en verpleging van de zieke mannen en vrouwen vonden plaats in afzonderlijke afdelingen.
Met welk ziektebeeld Lambertus werd opgenomen in het Sint Antoniusgesticht bleef onbekend. Lambertus kwam terecht in “Inrichting 2”. Het verblijf in het Sint Antoniusgesticht duurde nog geen twee weken. Op 20 juli 1937 om 02.00 uur overleed Lambertus, ruim 87 jaar oud. De lijkbezorger Nicolaas Wilhelmus Rust deed op 21 juli aangifte van het overlijden. Drie dagen na het overlijden werd Lambertus op de Rooms-katholieke begraafplaats te Rotterdam begraven. Na een leven lang werken en strijden voor de zaak van God en de kerk had Lambertus zijn laatste rustplaats bereikt.

Sint Antoniusgesticht te Rotterdam omstreeks 1910
Het Sint Antoniusgesticht aan de Nieuwe Binnenweg 33 te Rotterdam,
 hier bracht Lambertus zijn laatste levensdagen door.
Hier stierf hij op 20 juli 1937 om 02.00 uur op 87-jarige leeftijd.
(Bron: collectie Lucas van Elden)

NAWOORD
Een woord van dank gaat uit naar Frans Schaap. Mede dankzij zijn reactie en steun tijdens het vervolg onderzoek hebben we dit artikel tot stand kunnen brengen.

BRONNEN
Archieven:
Centraal Bureau voor Genealogie, Den Haag - persoonskaarten
Gelders Archief, Arnhem - Burgerlijke Stand Elst
Gemeentearchief Rotterdam, Rotterdam - Burgerlijke Stand en Bevolkingsregister Rotterdam
Radboud Universiteit, Nijmegen - bibliotheek
Internet:
www.gemeentearchief.rotterdam.nl
www.genlias.nl
www.wikipedia.nl
Literatuur:
Katholieke Illustratie, nummer 19 jaargang 64 (5 februari 1930), Haarlem, 1930.
Historische Kring Elden, Kringbulletin, nummer 94 (juni 2007), Elden, 2007.


© 2010-2014 Lucas van Elden, Arnhem.